In het kader van de dijkverhoging langs de
Eems lag deze kerk wel op een bijzonder ongelukkige plaats. De minister
van CRM had dan ook, blijkens een brief van 17 januari 1966, weinig
bezwaar tegen het afbreken er van, mits voor de waardevolle delen van
de inventaris elders een passende bestemming zou worden gevonden.
![]() |
